Kamerdebat Asbestdakenverbod: 1 januari wordt al 31 december 2024, of wordt het nog later?

Kamerdebat Asbestdakenverbod: 1 januari wordt al 31 december 2024, of wordt het nog later?

Tijdens het Kamerdebat van 10 oktober over de wettelijke vastlegging van het verbod op asbestdaken (wetsvoorstel tot wijziging van de Wet Milieubeheer) werd duidelijk dat de ambitie er wel is maar er ernstig wordt getwijfeld aan de haalbaarheid.

Kamerlid Chris Stoffer van de SGP was hierin duidelijk. Hij vraagt het kabinet twee jaar uitstel van het verbod op asbestdaken dat op 1 januari 2024 moet ingaan: ‘We kunnen in 2024 niet asbestvrij zijn’. Volgens Stoffer zijn er simpelweg te weinig asbestverwijderingsbedrijven en hij heeft duidelijke signalen uit de samenleving dat een grote groep eigenaren van asbestdaken de sanering gewoon niet kan betalen. Hij noemde onder andere de varkensboeren die in veel gevallen stallen met asbestdaken bezitten. Deze groep ondernemers heeft het al zwaar en daar is geen geld voor het weghalen van een asbestdak.

Wildwesttaferelen
Hij verwacht dat het doorzetten van dit verbod per 1 januari 2024 voor wildwesttaferelen zal zorgen zoals illegale en onveilige saneringen en asbestdumpingen in de natuur. De SGP is voor de aanpak van onveilige asbestdaken, maar dient amendementen in om de wet aan te passen. Die gaan onder meer over een uitstel van het verbod op asbestdaken met twee jaar, over lagere stortkosten en over een goede financiële regeling voor degenen die de sanering niet kunnen betalen.

Cijfers niet op orde
Enkele dagen voor de start van het Kamerdebat is het rapport verschenen ‘Inventarisatie asbestdaken in provincies’. De uitkomsten in dit rapport werden veelvuldig aangehaald door de debatterende Kamerleden.
kernpunten van de rapportage
• Er kunnen op basis van deze inventarisatie geen uitspraken worden gedaan over de omvang van de asbestdakenproblematiek in heel Nederland.
o Niet alle provincies hebben een actueel cijfermatig inzicht in de asbestdakenproblematiek. Zeven van de twaalf provincies hebben een schatting gemaakt van de totale oppervlakte nog te saneren asbestdaken.
o De schattingen dateren soms van enkele jaren terug. De nauwkeurigheid loopt uiteen: door sommige provincies zijn uitgebreide inventarisaties opgesteld, bij andere provincies is sprake van ruwe schattingen.
• De totale oppervlakte te saneren asbestdaken omvat bij de zeven provincies die een totaalcijfer voor de gehele provincie hebben geschat circa 79 miljoen m2.
• Vergelijking van de ramingen in deze inventarisatie met eerdere ramingen laat een gemengd beeld zien in termen van over- of onderschatting. Voor drie provincies zijn de huidige ramingen hoger dan eerdere ramingen, voor twee provincies zijn deze lager.
• In de afgelopen vijf jaar is bij de tien provincies die deze vraag hebben ingevuld ruim 16 miljoen m2 aan asbestdaken gesaneerd. Volgens het Landelijk Asbestvolgsysteem (LAVS) is er in geheel Nederland in de afgelopen drie jaar bijna 27 miljoen m2 gesaneerd.
• Zes provincies schatten in dat minimaal 5% van de eigenaren onvoldoende financiële draagkracht heeft om sanering te bekostigen. Enkele provincies hiervan schatten dit aanzienlijk hoger in (bijvoorbeeld Utrecht: 10 tot 25% en Drenthe: 30% van de agrariërs).
• Vrijwel alle provincies zien knelpunten in de saneringscapaciteit. Zij noemen onder meer gebrek aan geschikt personeel, beperkte opleidingscapaciteit, het hijskranenverbod, onvoldoende proces- /technische innovaties en financiële draagkracht.
• Vrijwel alle provincies stimuleren asbestsaneringen actief en kennen hiervoor meestal financiële regelingen. Overijssel heeft een aantal regelingen in voorbereiding en ondersteunt bijvoorbeeld een collectieve aanpak.

Programmabureau
Ook werd tijdens het debat regelmatig gewezen op het bestaan van het ‘Programmabureau Versnellingsaanpak Asbestdaken sanering’. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft in juli 2016 het Programmabureau opgericht ten behoeve van het stimuleren en monitoren van de versnelling van de sanering van asbestdaken in Nederland en het initiëren van flankerende maatregelen mochten deze nodig zijn. Gezien de hiaten in informatie die tijdens het debat duidelijk werden en het achterlopen op de ambitie, kun je je afvragen welke en aan wie het Programmabureau informatie communiceert en wat het bureau werkelijk toevoegt aan dit dossier.

Tot slot de ingangsdatum van het verbod
Tijdens het debat sloop vanzelf een nieuwe datum op de agenda, namelijk 31 december 2024 in plaats van 1 januari 2024. De SGP ziet graag dat het jaar 2026 wordt aangehouden. Alle deelnemers aan het debat hadden hun twijfels over de haalbaarheid maar zij gaan ‘voor de ambitie’. Al met al heeft de staatssecretaris nog een hoop te doen. Tal van vragen zal ze nog moeten beantwoorden en daarvoor heeft ze ook meer informatie van gemeenten en provincies nodig.

Bron: Asbestmagazine

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *